|
|
Dit is de preek van zondag 12 mei 2013. In het evangelie van vandaag hoorden we de laatste woorden van Jezus op het laatste avondmaal en Hij bidt om eenheid onder allen die in Hem geloven. Dus ook onder ons. En Hij vervolgt: ‘Opdat zij allen één mogen zijn zoals Gij, Vader, in Mij en Ik in U; dat zij ook in Ons mogen zijn.’ Als mens heeft Jezus onder ons heeft gewoond. Hij wijst erop dat de wereld zijn Vader niet heeft erkend, maar zijn leerlingen hebben Hem wél erkend. Zij hebben erkend dat Jezus door God was gezonden, en zij erkennen zijn eenheid met de Vader. Zij erkennen dus dat Jezus niet zomaar een mens is, maar dat Hij God is, en dat Hij het teken is van Gods aanwezigheid onder de mensen. Jezus bidt dus om eenheid onder zijn volgelingen, toen en nu, en tegelijk beklemtoont Hij de eenheid tussen Hemzelf en de Vader. Jezus’ woorden „Blijf in Mij en Ik in u“ zijn gericht tot mensen, die bereid zijn alles op te geven en die Jezus tot het laatste toe trouw willen blijven. De eenheid waarom Jezus hier bidt, is niet een eenheid die ons van buitenaf wordt opgelegd, maar een eenheid die van binnenuit groeit, vanuit een zondig hart. Eenheid begint bij het bewustzijn van de realiteit van verdeeldheid en zonde. Het is eenheid die gebaseerd is op barmhartigheid, op liefde voor het zwakke. Zo zijn onze eucharistievieringen meer dan vieringen van onze onderlinge eenheid, het is een viering van zijn eenheid met ons. Jezus viert het vlak voor het aangezicht van zijn sterven. Eigenlijk is de eucharistieviering niets anders dan het bijeen zijn rond het sterfbed van Jezus. We worden in ons bijeenzijn rond de dood van Jezus uitgenodigd om alles in onszelf bewust te maken: onze eenzaamheid, armoede, leegte, verdriet, ons gebrek aan saamhorigheid, de zonden tegen de liefde. Jezus weet immers van onze situatie; Hij weet dat we zondaars zijn, dat er verdeeldheid heerst in onze samenkomsten, Hij weet dat we niet altijd eerlijk zijn; en het is geen verrassing voor Hem. Hij heeft onze zonden, ook onze zonden aan eenheid, op het kruishout gedragen. Eigenlijk vieren wij in de eucharistie is een sterven met Hem om met Hem te leven. Onze dood wordt zijn deel en zijn leven wordt ons deel! Als we tot zo een innerlijk leven willen komen, moeten we de weg naar binnen gaan en eerst de deur van ons hart openen. Zo een maaltijd met Hem kan uitgroeien tot een blijvend wonen van Jezus in ons, zoals Hij zegt in het Evangelie. Wat betekent dit in de praktijk? Dat we bereid zijn onze eigen ‚huisraad’ in te wisselen voor Jezus’ ‚meubilair’, ook onze innerlijk bezit: onze eigen gedachten, verlangens. Jezus wordt onze huisgenoot. Dit kan verder uitgroeien tot een dieper gebedsleven zonder woorden. Zo samengroeiend, Jezus in ons en wij in Hem, zullen we de arm zijn die aan het lichaam een totale eenheid vormt met dat lichaam. “Opdat zij allen één mogen zijn zoals Gij, Vader, in Mij en Ik in U”. Dit zal onze eeuwige toekomst zijn. Het is nauwelijks te geloven. En toch is dat onze roeping als wij dat zelf ook willen en bereid zijn er de prijs voor te betalen. En die prijs is, mezelf geheel in liefde kwijt te raken aan Hem. Pastor Mathew |
|